info-steel-71

geasfalteerde gedeelte telkens een strook van 3 meter breed te voorzien, hebben we geopteerd voor één zijdelingse fiets- en voetgangerszone met een houten vloerbekleding en een mooi uitzicht op Tour & Taxis.” Dit laatste had eveneens implicaties voor de hoogte van de bogen, geeft Marijn Laethem aan. “De brugpijlers bevinden zich onder het gedeelte voor het openbaar vervoer en het voetgangersgedeelte is volledig in uitkraging. Dit maakt dat de grootste reactiekracht terechtkomt op de grote boog, terwijl de kracht op de dragende langsas aan de zijkant een stuk minder groot is. Dit vertaalt zich in een hogere centrale boog en een kleinere zijboog. Kortom: de atypische vormgeving vloeide voort uit het bijzondere structurele gedrag van de brug. Daarnaast was het ook een huzarenstukje om aan de verschillende geometrische randvoorwaarden te voldoen: een doorvaarthoogte over de volledige breedte van het kanaal én aansluiten op de Havenlaan en Willebroekkaai met respect voor de minimaal toegelaten (verticale) boogstralen voor het tramverkeer en maximale hellingspercentages voor het voetgangers- en fietsersverkeer. Dit resulteerde in een opmerkelijk fijn brugdek en slank uitgewerkte voetgangersstructuur.” bande de 3 mètres de large de chaque côté de la section asphaltée, nous avons opté pour une seule zone latérale pour les vélos et les piétons, avec un revêtement du tablier en bois et une belle vue sur Tour & Taxis. » Ce dernier point a également eu des répercussions sur la hauteur des arcs, souligne Marijn Laethem. « Les piles du pont se trouvent sous la section destinée aux transports publics et la section piétonne est entièrement en porte-à-faux. Cela signifie que la force de réaction la plus importante s’exerce sur le grand arc, tandis que la force sur l’axe longitudinal de soutien sur le côté est beaucoup moins importante. Cela se traduit par un arc central plus élevé et un arc latéral plus petit. En bref, le design atypique a résulté du comportement structurel particulier du pont. Il a fallu également déployer des trésors d’ingéniosité pour répondre aux différentes contraintes géométriques propres au site : un gabarit vertical sur toute la largeur du canal et la connexion à l’Avenue du Port et au Quai de Willebroek en respectant les rayons de courbure (verticaux) minimaux autorisés pour la circulation du tram et les pentes maximales pour les piétons et les cyclistes. Cela a donné lieu à un tablier remarquablement fin et à une structure piétonne élancée. » 21

RkJQdWJsaXNoZXIy MzE2MDY=