Tekst: Een vlotte tramverbinding tussen het historisch centrum, het Eilandje en het noorden van de stad: dat is de Antwerpse Noorderlijn in een notendop. Om dit langverwachte megaproject te kunnen realiseren en zo meteen enkele hardnekkige stedelijke mobiliteitsknopen te kunnen ontwarren, waren er op en rond het traject ingrijpende infrastructuurwerken nodig. In dit artikel zoomen we in op de realisatie van een trambrug op de archeologische Kipdorpsite. Niet toevallig een werf waar staal een cruciale rol speelde.
Tekst: <p>Daar het pompstation Grote Schijn visueel zeer aanwezig is in nabijheid van de Antwerpse ring en het ringfietspad, werd er beslist dit te bekleden met strekmetaal uit weervast staal (‘corten’). Om het effect nog te vergroten werden ook het omliggende hekwerk en de twee toegangspoorten in ‘corten’ ontworpen. <br>Het hoofdgebouw werd eerst voorzien van een draagstructuur van ± 35 ton. Dit skelet bestaat uit stalen liggers die eerst thermisch verzinkt werden en dan in een bruine kleur gepoederlakt. <br>Vervolgens werden de zijmuren en het dak bekleed met cassettes uit weervast staal. Langs de zijde van de vijzels en de achterzijde werden zowel de liggers van de draagstructuur als de cassettes rond gezet om het architecturaal effect te vergroten. Er werden ook 8 paneeldeuren in strekmetaal gemonteerd, dit om de deuren in het betonnen gebouw onzichtbaar te maken. <br>Samen met het hekwerk en de poorten werd er ± 1.400 m2 strekmetaal gemonteerd.</p>
Tekst: <p>De voormalige scheepswerf Boelwerf op het industrieterrein De Zaat in Temse werd de voorbije jaren omgevormd tot het nieuwe bedrijfsterrein van Cordeel zetel Temse. Nadat eerst enkele afdelingsgebouwen naar de site (ca. 20 ha) verhuisden, vormde het nieuwe hoofdkantoor het sluitstuk van de verhuis. <br>Het bestaande droogdok werd daarbij in de breedte overspannen door een staalstructuur van twee dubbelhoge vakwerken met tussenliggende dwarsliggers. Deze werd op twee betonnen volumes geplaatst die 72 m uit elkaar liggen en die tevens de toegangen tot het kantoor bevatten met telkens twee liften en twee trappen. De 2 kantoorlagen van elk 2.300 m² zijn volledig beglaasd van vloer tot plafond.</p>
Ondertitel: Indrukwekkende inkomluifel, flessenrekmuur, galerij en tempelierskruis
Tekst: <p>Op het wijndomein van de Commanderie de Peyrassol worden bezoekers verwelkomd door verschillende structuren in weervast staal (‘corten’). <br>De eerste is een indrukwekkende inkomluifel van 36 ton die een overkraging van 7 m heeft, een totale lengte van 32 m bestrijkt en tot 7,5 m hoog is. De luifel mondt uit in een spits, die gerealiseerd is met behulp van een simplexvormige koker. De bekleding in weervast plaatstaal van 5 mm, wordt enkel ondersteund door verticale verstijvingen van 15 mm dik, met hoogtes die variëren van 315 mm tot 30 mm. <br>Binnen in het gebouw is de gebogen ‘flessenrekmuur’ van 5 m hoog en meer dan 20 m lang opgebouwd uit versterkte staalplaten van 3 mm dik. Hij ondersteunt bovendien de vloerplaat van een opslagruimte. <br>Een galerij die uit vijf modules van weervast staal van 8,2 m bestaat verbindt het onthaal- en degustatiegebouw met de wijngaarden. <br>Het monumentale tempelierskruis, dat met zijn hoogte van 9 m boven de bezoekersparking uittorent, maakt het plaatje compleet.</p>
Tekst: De gevels van de twee paleizen aan de Place Louis XV, de huidige Place de la Concorde (Parijs, 8e arrondissement), zijn van de hand van de architect des konings Ange-Jacques Gabriel. In een van beide werken (voltooid in 1765) was de Garde-Meuble de la Couronne gevestigd en bevonden zich ook de vertrekken van de intendant van de koning. Dit emblematische neoklassieke gebouw werd geplunderd in 1789 tijdens de Franse Revolutie en deed sindsdien dienst als administratieve zetel van de marine, totdat deze in 2015 verhuisde. Het Hôtel de la Marine staat sinds 1923 op de lijst van beschermde monumenten. In 2017 gingen er ingrijpende restauratiewerken van start onder leiding van het Centre des monuments nationaux (CMN).