Tekst: De 'Gull Wing'-brug in Lowestoft (UK) in het zuidoosten van Engeland, is het sluitstuk van omvangrijk project dat de verkeersafwikkeling in en om de haven verbetert. De brug bestaat uit 2 aanbruggen en een centrale rolbasculebrug, samen goed voor 2200 ton staal. De rolbasculebrug is de grootste ter wereld in zijn soort. Victor Buyck Steel Construction (VBSC) heeft de brug gebouwd in de periode 2021-2024. Eerst is de noordelijke aanbrug in 3 delen (samen 700 T) aangevoerd. Bijzonder daarbij is dat het deel boven het spoor inclusief volledig betondek en afwerking (1600 T) geplaatst is tijdens een spoorstremming. De andere delen heeft een zware rupskraan van het transportponton opgetild en geplaatst. De zuidelijke aanbrug heeft VBSC aangevoerd en gemonteerd in 4 delen (samen 818 T), die met geboute voegen met elkaar verbonden zijn. Voor de rolbasculebrug was bij de aanvoer over het water een tussenstop in Westdorpe nodig. Daar zijn de armen ('J-beams') gemonteerd en is de brug zover mogelijk afgewerkt, inclusief toebehoren voor het bewegingswerk. De J-beams vormden een grote uitdaging door de grote hoeveelheid laswerk, de heel nauwe toleranties, de speciale eisen naar losprocessen en de beperkte toegankelijkheid. Om de spanningen t.g.v. het lassen weg te nemen zijn de J-beams nagegloeid in een gespecialiseerde oven. De brug, die inclusief transportballast meer dan 1000 T woog, is na transport over zee via klimvijzels vanop het ponton op zijn plaats afgezet. Het betonnen tegengewicht in J-beams is ter plaatse ingebracht. Dankzij het rolmechanisme kan na openen van de brug de vaargeul over de volledige breedte benut worden. In geopende toestand komt de top van de J-beams 61 m m boven het waterniveau uit. Op 7 september 2024 is de brug officieel opengegaan. De Gull Wing bridge is een architecturale parel en een technisch hoogstandje. De naam en de vorm van de Gull Wing brug verwijzen naar de alom aanwezige meeuwen in Lowestoft.
Ondertitel: Stalen accenten bepalen samen met de betonelementen sterk de sfeer van elke verdieping
Tekst: <p>Gelegen in het hart van Mechelen, kent de site Simmendans een rijke geschiedenis die teruggaat tot 1588, toen het een kloosterpand van het Bethaniëklooster was. In 1810 werd het een brouwerij genaamd Den Posthoorn, en later huisvestte het kantoorwinkel 'New Mispelters' gedurende 70 jaar. Na de sluiting van de winkel in 2019 transformeerde dmvA de stedelijke site tot een veelzijdig project met wooneenheden, commerciële ruimten en het dmvA-kantoor. </p>
<p>Aanvankelijk was de site volledig volgebouwd en waren de gebouwen fysiek, maar niet functioneel met elkaar verbonden. Ze werden opnieuw opgesplitst in vier unieke entiteiten en individueel in ere hersteld. Een van de vier entiteiten van het stadsblok is het hoekgebouw ‘Drijhoek’. Het dakterras biedt uitzicht op de Sint-Romboutstoren en vormt een aangename plek voor lunchpauzes en ontspanning. Het oppervlak leent zich ook perfect voor urban farming. </p>
<p>Stalen accenten bepalen samen met de betonelementen sterk de sfeer op elke verdieping en dit wordt van beneden tot boven doorgetrokken in de vorm van deuren, wanden, toog, kastenwanden en de vloer- en wandbedekking van de terrassen. </p>
Ondertitel: Zorgvuldige engineering, innovatief ontwerp en toekomstgerichte flexibiliteit
Tekst: <p>De brug OA232 voor de N7 in Colmar-Berg over de spoorlijn Luxemburg-Troisvierges, bestaat uit twee naar binnen gekantelde bogen met een variabele ruitvormige dwarsdoorsnede. Dit op maat gemaakte ontwerp zorgt voor een optimale verdeling van de belasting en structurele stabiliteit met behoud van de structurele integriteit.</p>
<p>Er werd een geavanceerde eindige elementenanalyse uitgevoerd om het structurele gedrag van de brug onder verschillende belastingsomstandigheden te modelleren en te beoordelen. Overwegingen voor de toekomst stonden voorop in het ontwerpproces. De constructie werd ontworpen om aanpasbaar en flexibel te zijn, met intelligente onderhouds- en reparatieconcepten die al in de ontwerpfase werden geïntegreerd.</p>
<p>De belangrijkste technische uitdaging voor deze constructie was de geometrische vorm van de bogen, met een algemene kanteling naar binnen en vooral de variabele doorsnede en gedraaide vorm van de bogen.</p>
Opdrachtgever: Ministère de la Mobilité et des Travaux publics, Administration des Ponts et Chaussées – Division des Ouvrages d’Art, Luxembourg (LU)<br>InCA Ingénieurs Conseils Associés, Niederanven (LU) (Direction des travaux)
Tekst: <p>Het nieuwe station is een monumentale koepel van glas en staal, 200 m lang en 35 m hoog, die de sporen overdekt. Het station ontvangt in het bijzonder de hogesnelheidstreinen op de lijn Parijs-Keulen. De koepel zelf loopt uit in 5 lange daken van dezelfde aard die de perrons overkappen.
</p>
<p>Lichtheid, weerstand en precisie zijn eigenschapen van staal die het mogelijk maakten het station te ontwerpen als een monumentale, open, praktische en heldere publieke ruimte. De stoutmoedigheid van de structuren en de manier waarop ze werden gerealiseerd, getuigen van de tradities inzake technische vaardigheden van een stad die de bakermat is van de staalindustrie.</p>
Ondertitel: Gewicht en economisch aspect piekfijn op elkaar afstemmen
Tekst: <p>Het nieuwe zwembadcomplex in de Luikse Jonfosse-wijk is opgetrokken op een oude fabriekssite die doorheen de jaren was uitgegroeid tot een stadskanker met publieke parkeergelegenheid. Het biedt plaats aan drie zwembaden; een zwembad van 25x15 m met 6 banen, een instructiebad en een speel- en recreatielagune. </p> <p>Binnenin onderscheidt het zwembad zich onder meer via contrasterende zwarte accenten op de vloer en de muren . Wat het gebouw echter helemaal atypisch maakt, zijn het sheddak en de stalen vakwerkstructuur, die ervoor zorgen dat de aanwezigen letterlijk en figuurlijk baden in natuurlijk licht. </p> <p>Er weden meerdere versies van het staalskelet ontworpen. Uiteindelijk werd het staalskelet opgebouwd uit standaard H-profielen. De hoofdliggers, die maar liefst 36 m lang zijn, kwamen in drie stukken toe op de werf en zijn ter plaatse geassembleerd. </p>
Plaats: Rue Lambert le Bègue 36-38, Liège
Opdrachtgever: Ville de Liège, Liège
Architect: BAH Garcia, Saint-Georges-sur-Meuse
Studiebureau: Bureau d'études Greisch, Angleur (Liège)
Controlebureau: SECO Belgium, Diegem
Hoofdaannemer: Moury, Ans - BPC, Grâce-Hollogne
Staalbouwer: Entreprise Bertrand, Grâce-Hollogne
Infosteelleden: Bureau d'études Greisch / SECO Belgium
Foto: Jean-Luc Deru (Daylight)
Het nieuwe zwembadcomplex in de Luikse Jonfosse-wijk is opgetrokken op een oude fabriekssite die doorheen de jaren was uitgegroeid tot een stadskanker met publieke parkeergelegenheid. Het biedt plaats aan drie zwembaden; een zwembad van 25x15 m met 6 banen, een instructiebad en een speel- en recreatielagune.
Binnenin onderscheidt het zwembad zich onder meer via contrasterende zwarte accenten op de vloer en de muren . Wat het gebouw echter helemaal atypisch maakt, zijn het sheddak en de stalen vakwerkstructuur, die ervoor zorgen dat de aanwezigen letterlijk en figuurlijk baden in natuurlijk licht.
Er weden meerdere versies van het staalskelet ontworpen. Uiteindelijk werd het staalskelet opgebouwd uit standaard H-profielen. De hoofdliggers, die maar liefst 36 m lang zijn, kwamen in drie stukken toe op de werf en zijn ter plaatse geassembleerd.
Tekst: <p>In het Europees Hof van Justitie zijn de hoogste gerechtsorganen van Europa ondergebracht. Sinds zijn intrek in het ‘Paleis’, een stalen constructie ontworpen in 1972 naar modernistische vormgeving, namen de activiteiten van dit Hof constan
Ondertitel: Transithal 'Expo 58' was een technisch huzarenstukje
Tekst: <p>De transithal van de luchthaven van Zaventem, die werd opgetrokken in het kader van Expo 58, was een technisch huzarenstukje: een ruimte van 100 m lang, 55 m breed en 18 m hoog werd volledig overspannen met een boogvormige aluminium dakstructuur. <br>Om de glorieuze ‘Skyhall’ een tweede leven te kunnen geven, is deze dakstructuur van bovenaf verstevigd. In het bestaande dak is een stalen vakwerkconstructie met dezelfde uitkraging als de oorspronkelijke aluminium structuur geïntegreerd. Dit maakte het mogelijk om het bestaande dak en plafond te behouden. <br>De A-vormige spantbenen zijn verstevigd om de nieuwe dakstructuur (521 ton S355-staal) te kunnen ondersteunen en dragen ook een passerelle op V-vormige staalkolommen, die een monumentale trap flankeert. Drie rechthoekige stalen kokers fungeren als trapbomen, met een horizontale overspanning van 13 m zonder tussenliggende steunpunten.</p>
Architect: Stramien ARCHITECTUUR en RUIMTE, Antwerpen
Studiebureau: Arcade Groep, Hasselt
Controlebureau: SECO, Brussel
Hoofdaannemer: IBO, Heffen
Staalbouwer: IMW, Ravenshout
Ander staal: CS Raamconstructies, Weelde (Ravels) (gevels)
Infosteelleden: SECO
Foto: Carlos López (Foto Landmark)
De transithal van de luchthaven van Zaventem, die werd opgetrokken in het kader van Expo 58, was een technisch huzarenstukje: een ruimte van 100 m lang, 55 m breed en 18 m hoog werd volledig overspannen met een boogvormige aluminium dakstructuur. Om de glorieuze ‘Skyhall’ een tweede leven te kunnen geven, is deze dakstructuur van bovenaf verstevigd. In het bestaande dak is een stalen vakwerkconstructie met dezelfde uitkraging als de oorspronkelijke aluminium structuur geïntegreerd. Dit maakte het mogelijk om het bestaande dak en plafond te behouden. De A-vormige spantbenen zijn verstevigd om de nieuwe dakstructuur (521 ton S355-staal) te kunnen ondersteunen en dragen ook een passerelle op V-vormige staalkolommen, die een monumentale trap flankeert. Drie rechthoekige stalen kokers fungeren als trapbomen, met een horizontale overspanning van 13 m zonder tussenliggende steunpunten.